echo van het zuiden 5 sept. 1918 electrisch licht
05 september 2018 |
0
0

Elektriek in het Heusdense 100 jaar geleden nog geen gemeengoed, Heus-story 13

carbidlicht

Ging de vorige Heus-story over de 50-jarige Maasroute, het verhaal van Heus-story 13 over elektriek begint exact 100 jaar geleden. Op 5 september 1918 meldt de Echo van het Zuiden, dat de inwoners van Elshout het voorlopig nog zonder elektrisch licht zullen stellen. De plannen hiervoor van firma “De Gouw en Mulders, stanzmessenfabriek alhier” vallen in duigen, omdat er te weinig inwoners willen deelnemen. De krant concludeert dan ook dat de verlichting in de komende winter voor deze gemeente hoofdzakelijk zal moeten bestaan uit ”carbidlicht”.

elshout ca 1915

                       Elshout in 1918 nog geen elektrisch licht

 Het licht van den Mulder

Als de petroleum door WOI in 1917 ook in het neutrale Nederland steeds schaarser wordt, komt de secretaris van Haarsteeg dhr. Cauwenbergh met het plan om ’t petroleumlicht door elektrische verlichting te vervangen. De inwoners van Haarsteeg blijken wel te porren voor deze “nieuwigheid” en zich contractueel voor vijf jaar te willen binden.                                                                                  Als bron voor de stroomopwekking fungeerde aanvankelijk de kolenmotor van molenaar Verhaeren, waarmee deze overdag de molenstenen aandreef. Boven deze motor werd een met vlakke riem aan te drijven gelijkstroomgenerator geplaatst. ’s Morgens en ’s avonds gooide Verhaeren de riem van de molen over op de generator en dan scheen er licht in de duisternis. De eerste aansluiting werd de parochiekerk. De parochianen keken hun ogen uit toen ze in de kerstnacht naar de nachtmis gingen.” ’t Was net of ge den hemel binnenkwaamt” … er branden wel zes lampen”. Allengs  kregen zo meer Haarstegenaren “het Licht van den Mulder”.                                                                                                Voor een goed begrip geen stopcontact en geen muurschakelaar en in één kamer van een huis was er één lamp met een aan en uitknop op die lamp. In alle andere vertrekken bleef vooralsnog de walm van de kaars of de stank van de olielamp. Bovendien “kuchtte” het licht met enige regelmaat als de motor nog niet op volle toeren liep en ook dan was de lichtsterkte niet bepaald constant. Als het licht op het ritme van de motor wat feller oplichtte, had de mulder er blijkbaar weer “wè kolen opgegooid”. Om 10 uur s ‘avonds ging ’t licht uit. Vijf minuten van te voren waarschuwde de molenaar door ’t licht ’n paar maal uit en aan te maken.

Draai nu, o mulder, draai voort, Slapen wij straks ongestoord

Over deze eerste stroomvoorzienig in Haarsteeg is door J. van Veluw een (feest)lied geschreven op de wijs van “een zonnetje gaat van ons scheiden”. De ironische tekst luidt als volgt ..

Het zonnetje gaat van ons scheiden, Electrische lampjes gaan aan Om duisternis te bestrijden, Misschien dadelijk weer uit te gaan. Ziet ge hoe het lampje steeds knippert en ijlt Op 50 kaars sterkte maar nimmer gepeild.                                                                      Draai nu, o mulder, draai voort, Slapen wij straks ongestoord.

Schemering daalt in de dreven, De kom is zo sober verlicht. Hulde maar niet overdreven, Hém die dat hier heeft gesticht. Al zijn we verward in de draden voor vijfjaar, Als het contract af is dan zijn we weer klaar»                                                                                Draai nu, o mulder, enz.

Wees welkom verkwikkelijke avond! Gij brengt ons het heerlijke licht. Wat zijn toch die tijden verbeterd, Jammer wat slecht voor ’t gezicht. Maar och wat kan het maken een bril minder of meer In vijfjaar versleten het was onze leer.                                                      Draai nu, o mulder, enz.
           

Provinciale Noordbrabantsche Electriciteits Maatschappij (PNEM)

Haarsteeg ca 1930

   Haarsteeg , Hoge Maasdijk met elektriciteitspalen rond 1930

De mogelijkheden van een 15 Pk kolenmotor bleken uiteindelijk te beperkt om een heel dorp van stroom te voorzien. In 1921 neemt  de in 1914 opgerichte P.N.E.M. dan ook de taak van Verhaeren over en wordt een nieuw netwerk opgetuigd. In november 1921 volgen de eerste kilowattuurmeters, waardoor betaling naar verbruik mogelijk wordt. Overigens was dat in de meeste gevallen niet veel. De sterkste lampen die werden verkocht waren 40 Watt, bestemd voor de echte „opmakers”, terwijl ´de gewone man´ 25 of zelfs 15 Watt gebruikte. Een welhaast ´Zeeuwse zuinigheid´ leidde ertoe, dat menigeen in de zomermaanden helemaal niets verbruikte, zodat alleen de meterhuur resteerde, want vast recht bestond nog niet.

Petroleum – en Gaslantaarns

Drunen 1917

Een typisch dorpsgezicht van voor de elektrificatie geeft deze foto van de Grotestraat in Drunen nabij splitsing Eindstraat / Kleinestraat uit 1917. Een eenzame petroleumlantaarn fungeert op de toen nog Hoofdstraat als straatverlichting. In die tijd was er nog geen waterleiding evenmin als elektriciteit, dus zijn er ook geen bovengrondse leidingen. In november 1918 meldt de Echo is er in Drunen “eindelijk” sprake van elektrisch licht. Nog zeer beperkt tot met name de fabrieken van Elshout – van Gorcum, van Bergmans en ook de Boterfabriek, maar deze zorgen wel al voor enige “buurtverlichting”. In 1920 sluit ook hier de gemeente een contract met de P.N.E.M. over de levering van stroom en het administratief, financieel en technisch beheer. Pieter van Dommelen door de PNEM aangesteld als elektricien kreeg als taak het maken van nieuwe aansluitingen ter plaatse en controle op de meters. In juli 1920 waren er al 112 aanvragen om op het net aangesloten te worden, maar een gelopen race voor de elektriek was het vooralsnog niet. Zo duurde het in 1921 ruim een half jaar voor er in de Torenstraat zich voldoende deelnemers melden. Ook werden er in de winter van 1920-1921 nog acht gaslantaarns in Drunen en tien in de Wolfshoek geplaatst. M. van Ravenstijn stak de lantaarns in Drunen aan en hield ze schoon voor 20 cent per lantaarn per avond, W. Jozen kreeg voor het zelfde werk in de Wolfshoek 18 cent!

Van gas naar elektriciteit

In Heusden duurde het uiteindelijk tot 1930 voor de knop definitief omging van gas naar elektriciteit.

Heusden 1930

 Burgemeester van Eggelen tijdens een feestelijke bijeenkomst in de schepenkamer van het stadhuis zet de schakelaar om van gas naar elektriciteit

Bronnen: Met Gansen Trou, Echo van het Zuiden, Foto´s: Streekarchief land van Heusden en Altena

©  frank durant                                                                                                                                               

 

 

Vorige
Volgende
Reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Praat mee