Deuntjes van verlangen, wensdenken en realiteit

Wat brengt emigranten ertoe huis en haard te verlaten en hun heil elders te zoeken? Eenmaal gearriveerd en gesetteld, wat valt dan op? Wat zijn de overeenkomsten in taal en cultuur, wat de verschillen? Zijn ze gelukkig of verlangen ze soms toch naar hun oorspronkelijke thuis? Deze keer spreken we met Solet Scheeres, journalist, (kinder- en jeugdboeken)schrijfster en docent Engels.

Opgeleid tot journalist in Zuid-Afrika aan wat nu de Noordwestuniversiteit heet, was ze een bekend televisieproducent voor de SABC én werkte ze als deeltijddocent aan de universiteit van Johannesburg: Solet Scheeres, gehuwd met Han Scheeres, wiens voorouders na de Tweede Wereldoorlog naar Zuid-Afrika trokken. Háár verre voorouders arriveerden in Zuid-Afrika enkele decennia nadat Jan van Riebeek in dienst van de VOC (1652) op Kaap de Goede Hoop zijn eerste Europese handelspost stichtte.
Zij doceert sinds enkele jaren Cambridge-Engels aan het d’Oultremontcollege in Drunen en schrijft nog steeds. Hij, internationaal georiënteerd, vertrok in 2004 voor een automatiseringsproject van het toenmalige Alcoa naar Drunen, waarna vrouw en drie kinderen volgden, de jongste 5,5, de middelste 7 en de oudste 16 jaar jong.

Contacten leggen en de taal leren kennen
Dankzij werk, schoolgaande kinderen én bereidwillige hulp van medebewoners verliep de inburgering voorspoedig. Han, HR IT-technologie- en integratie-expert, kende al verschillende collega’s van projecten in Australië, en hun protestante geloofsgenoten droegen eveneens hun steentje bij. Daarbij plaatst Solet wel een kanttekening: “Drunen is van oorsprong een katholiek dorp, dus de mensen met wie wij aanvankelijk, via de kerk, contact maakten, waren import zoals het gezin Scheeres.”
Een ‘klein’ struikelblok was de taal, want al klinkt het Zuid-Afrikaans wel enigszins als het Nederlands, de grammatica en de spelling zijn geheel anders dan het Standaardnederlands. Maar de taal heeft dan ook een bijzondere geschiedenis in Zuid-Afrika, bij de gemiddelde Nederlander mogelijk onbekend, net zoals een belangrijk deel van de geschiedenis. “Kenmerkend in de Zuid-Afrikaanse geschiedenis,” vertelt Solet, “en dus ook voor de talen die er werden gesproken, zijn drie grote gebeurtenissen, waarvan de eerste de vestiging van de VOC was, de tweede die van de Zuid-Afrikaanse Republiek onder Paul Krüger en de derde die na de Tweede Wereldoorlog. Wie heeft niet van de grote Anglo-Boerenoorlogen en de concentratiekampen daar gehoord of gelezen? Van de Apartheid en andere gruwelijke gebeurtenissen die enorme gevolgen hadden, zowel voor het dagelijks leven van de bewoners als voor de talen die werden toegestaan?”

Verlangen en realiteitszin
Solet duikt diep in de historie, het is duidelijk dat ze in haar hart nog nauw verbonden is met haar wortels. Toch, “Nederland is mijn home”, zegt Solet, zij en haar gezin hebben hier hun plaats gevonden. “Maar dat neemt het gevoel niet weg dat mij soms bekruipt, van weemoed, verlangen naar de mensen die we hebben achtergelaten, de ruimte, de schoonheid van het land en de zonovergoten maanden. Toch, ik wil niet zelfzuchtig zijn. Onze kinderen zijn hier grotendeels opgegroeid, de gezondheidszorg en de ouderenzorg zijn hier veel beter, mensen kunnen tot op late leeftijd zonder bezwaren doorwerken, het vervoer is prima geregeld en de meeste mensen kunnen hier van hun inkomen rondkomen, anders dan in Zuid-Afrika.”
“Bovendien, als je eenmaal verhuisd bent, kun je niet zo maar terug. De beslissing om te emigreren is weloverwogen. Iemand die wil emigreren, moet in zijn nieuwe land een baan hebben. Pas als je hier vijf jaar woont en werkt, kun je je officiële burgerschap ontvangen, tegen forse betaling. In de tussentijd moet je iedere twee jaar je verblijfsvergunning verlengen, waarvan de kosten eveneens niet gering zijn.”

Twee werelden
“Je blijft hoe dan ook in twee werelden zitten en dan moet je niet in wensdenken vervallen. De wereld is veranderd, hier maar ook daar. Hier voel ik me veiliger dan ik me in Zuid-Afrika zou voelen, ook al is dat gevoel misschien alleen iets in mijn eigen hoofd.“
Solets verre voorouders van moederskant waren Boeren (Boerenrepubliek, Oranje-Vrijstaat), van vaderskant (vanaf 1820) Britse settelaars. De settelaars droegen bij aan de verengelsing van de Westkaap, een van de negen provincies van Zuid-Afrika. Wellicht is het daardoor dat Solet, naast het Zuid-Afrikaans, perfect Engels spreekt, dat ze dankzij haar functie als docent Cambridge-Engels aan haar leerlingen kan meegeven. “Intussen wordt daar overigens voornamelijk Engels gesproken en zijn er meer bruine Afrikaans sprekenden (maar dan wel voornamelijk thuis) dan witte.”

De leeuwentemmer
Solets bijzonder fraai geschreven en door Marjorie van Heerden geïllustreerde kinderboek (9+) getiteld De leeutemmer se assistent wordt mogelijk op termijn in het Nederlands vertaald. Voor de geïnteresseerde lezer: www.maroelamedia.co.za/afrikaans/boeke/boek-die-leeutemmer-se-assistent/ Dat gebeurt dan dankzij het project Financiering Lage Landen, dat in 1990 is stopgezet maar nu gelukkig weer nieuw leven wordt ingeblazen.

19-04-2018 (c) tekst Dimph Vos, foto’s Marian de Bonth; foto’s Waterberge en skyline Johannesburg Solet Scheeres; foto met gele maan Sandy Macdonald

Vorige
Volgende
Reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Praat mee